Twee thema’s vallen verder direct op:
1. Iedere huurder heeft het recht zijn woning te kopen tegen een redelijke prijs
2. Bepaalde regio’s ervaren grotere druk op woningmarkt en mogen 25 extra punten toekennen voor grotere huurprijsstijging
Ad 1. Landelijk levert dit onderwerp veel discussie op. Want natuurlijk is het goed om het woningbezit te stimuleren in het kader van de wijkdifferentiatie (verschillende inkomensniveaus mengen in een wijk). Maar om het nou volledig vrij te geven? Het bezit van een corporatie wordt een gatenkaas. Beheer en onderhoud wordt moeilijker en is minder efficiënt in te richten. Bovendien moeten bij verkoop in appartementencomplexen allemaal VvE’s (Vereniging van Eigenaren) opgericht worden. Administratief een kostbare klus en daarbij moet ook direct geld in gestort worden in de onderhoudsvoorziening van de VvE. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat in VvE-complexen veel eigenaren toch vaak een kortere termijn visie hebben en meer willen beknibbelen op onderhoud aan het complex. Niet voor niets is al vaak aangegeven dat de volkshuisvesting en kwaliteit van het wonen in Nederland zo positief afsteekt bij andere landen door het lange termijn perspectief van de corporaties. Daarnaast zijn er nog wel wat bezwaren uit de juridische hoek. Kan het kabinet een eigenaar verplichten zijn bezit te verkopen? De kenners betwijfelen dat sterk. De vraag blijft ook wat dan het beeld is van een redelijke prijs in de ogen van dit liberale kabinet!
Ad 2. Dan de optie voor het toekennen van 25 extra woningwaarderingspunten voor regio’s waar de woningmarkt erg onder druk staat. Dit betekent dat verhuurders de woningen extra waarde mogen toekennen waardoor de maximaal redelijke huurprijzen kunnen stijgen (maximaal met circa € 120). Deze gebieden zijn gebaseerd op een gebiedsindeling van het CBS, de COROB-gebieden. Dat is echter woningmarkttechnisch niet logisch. Qua woningmarkt maakt Zaanstad onderdeel uit van de stadsregio Amsterdam. Echter, in het COROB-gebied staat Zaanstad los van de regio Amsterdam, wat betekent dat er geen extra punten toegevoegd mogen worden. Als de markt daar ruimte voor laat, krimpt het aantal sociale huurwoningen in de regio. Maar het aandeel van Zaanstad in de sociale huursector blijft juist groot. Regionaal woningzoekenden kunnen, via het woningverdeelsysteem, in Zaanstad op zoek gaan naar hun sociale huurwoning. Op zich prima, ware het niet dat we in Zaanstad vooral de middeninkomens willen trekken, zoals bepaald in de woonvisie. Daarmee trekken we dan namelijk ook koopkracht en een bestedingsruimte die we nu in sommige wijken écht missen. De wijkaanpak en de -differentiatie die we voor ogen hebben, kan door deze maatregel mijns inziens danig in de verdrukking raken.
Kortom, de discussie blijft voor ons spannend en zeker boeiend.